Language

Permeatietesten

Permeatietest beschermende kleding & handschoenen

Weerstand tegen penetratie en permeatie zijn twee grootheden die betrekking hebben op de barrière-eigenschappen van materialen.

Bij het bepalen van de penetratieweerstand wordt het materiaal aan één kant blootgesteld aan de testvloeistof. Over het algemeen wordt de testvloeistof onder druk geplaatst en wordt visueel geobserveerd of de vloeistof doorheen het materiaal penetreert. Precies deze visuele detectie is het zwakke punt van deze test. Het resultaat is een pass/fail.

Een complexere testmethode wordt gebruikt voor de bepaling van de permeatieweerstand.
klik hier om de afbeelding te vergroten
Terwijl in een penetratietest bulkvloeistof doorheen de barrière wordt gedwongen, berust de permeatietest op een moleculaire diffusie van chemicaliën doorheen de barrière. De testmethode bestaat erin het staal aan één kant bloot te stellen aan de testvloeistof en vervolgens aan de andere kant via een instrumentele methode te bepalen wanneer de testvloeistof doorheen het materiaal breekt. Men bepaalt in een dergelijke test de doorbraaktijd en soms ook de permeatiesnelheid.

Testmethode

Deze test dient om de doorlaatbaarheid voor chemische en biologische vloeistoffen te bepalen bij beschermende kledij en handschoenen.
De norm die wordt toegepast is EN 374-3: 2003Beschermende handschoenen tegen chemicaliën en micro-organismen – Deel 3: Bepaling van de weerstand tegen permeatie door chemicaliën.

Principe

voorbereiding permeatietestEen testcel bestaat uit twee compartimenten waarin het materiaal in contact wordt gebracht met de testvloeistof. Het te testen textiel wordt in een meetcel geplaatst.

De ene kant van het textiel wordt in contact gebracht met een testvloeistof. Aan de andere kant van het textiel bevindt zich het collectiemedium, dat continu bemonsterd wordt.

Het collecteren kan zowel met gas (lucht) als met vloeistof (water) gebeuren. De detectie bij gaspermeatie gebeurt met een PID. Belangrijk hierbij is dat de testvloeistoffen voldoende vluchtig moeten zijn. De detectie bij vloeistofpermeatie gebeurt aan de hand van een conductometrische detector. Hierbij dienen de testvloeistoffen voldoende wateroplosbaar te zijn.

Een test wordt typisch uitgevoerd gedurende maximum acht uur, waarbij het prestatieniveau van het materiaal wordt bepaald door de tijd die een testvloeistof nodig heeft om door te breken. Gedurende deze periode staat het staal continu bloot aan de testvloeistof.