Language

Artikel over VKC-Centexbel

Artikel overgenomen uit website Fabrieken voor de Toekomst

Gepubliceerd op Dinsdag 30 juni 2015

Kunststofverwerking scheert dankzij Fabriek voor de Toekomst Nieuwe Materialen hoge toppen in West-Vlaanderen

Er is geen enkele sector denkbaar die niet met chemische toepassingen, kunststoffen en zo meer te maken heeft. In West-Vlaanderen wil men met de 'Fabriek voor de Toekomst – Nieuwe materialen' verdere innovatie op het kruispunt van sectoren stimuleren, om van onze provincie een topregio te maken. VKC-Centexbel heeft daar zijn rol in te spelen.

De verzamelnaam 'chemie' dekt vele ladingen. In West-Vlaanderen, met name in de ruime regio Kortrijk-Roeselare-Tielt, bevindt zich een sterke kunststofverwerkende nijverheid. Op de as Antwerpen-Brussel staat de zuivere chemische industrie sterk, en Limburg en een deel van Antwerpen vormen de zogenoemde 'Kunststofcluster-Oost'. Volgens de laatste gegevens van de sectorfederatie essencia haalt de chemische sector in ons land een jaarlijkse omzet van 43 miljard euro en stelt hij zowat 59.700 mensen te werk, van wie ongeveer 20.000 in de kunststofverwerking. West-Vlaanderen neemt daarvan een niet onbelangrijk deel voor zijn rekening.

Kunststof

'Kunststofverwerking' is op zich dan weer een breed begrip, en dat blijkt ook uit de activiteiten van VKC-Centexbel in Kortrijk. Ooit stond VKC alleen voor 'Vlaams Kunststoffencentrum', maar in 2014 beleefde het na een fusie met Centexbel – het kennis- en innovatiecentrum voor de textielindustrie – een doorstart. "Je kunt je geen enkele sector meer indenken waar kunststoffen niet aanwezig zijn," zegt Wim Grymonprez, New Business Development Manager, "als verpakkingsmiddel voor voeding, binnen de bouwindustrie, elektronica, automotive, noem maar op. Mee daardoor werken wij als VKC-Centexbel sectoroverschrijvend. Wij hebben – uiteraard – vooral een grote affiniteit met de textielnijverheid, en ik durf stellen dat binnen de textielverwerkende sector de kennis van chemische stoffen en processen een stuk groter is dan in de kunststofverwerkende nijverheid."

Vandaar dat de fusie tussen VKC en Centexbel in 2014 geen gek idee was. Toen werd gesproken van een "doorstart" van het VKC. "De fusie was nodig omdat het VKC een te kleine organisatie was om voldoende diensten te kunnen bieden," zegt Wim Grymonprez. Met VCK-Centexbel kunnen we veel meer aan."

Nieuwe materialen en toepassingen

VKC-Centexbel verleent vanuit Kortrijk technologisch advies, doet fundamenteel en technologisch onderzoek, geeft opleidingen en beschikt over een testlabo. "Daar kunnen wij producten testen, zelfs tot op het niveau van accreditatie en certificering: de finale goedkeuring voor ze op de markt kunnen komen," legt Wim Grymonprez uit. "De volledige ‘waardeketting’ dus, van grondstof tot eindproduct. Niet alleen onze leden kunnen bij ons terecht, maar iedereen die met kunststoffen en textiel te maken heeft."

VKC-Centexbel heeft ook zijn rol te spelen in de 'Fabrieken voor de Toekomst', samenwerkingsclusters waarmee de provincie West-Vlaanderen het Nieuw Industrieel Beleid van de Vlaamse regering concreet maakt op maat van de West-Vlaamse kmo’s. Een van die 'Fabrieken voor de Toekomst' is 'Nieuwe Materialen'. "Onze expertise, op het snijpunt van de verschillende sectoren, past daar perfect binnen," zegt Wim Grymonprez.

"Gezien er in onze provincie heel wat bezig is op het vlak van innovatief, intelligent textiel en kunststofverwerking was het een evidente keuze om die 'Fabriek – Nieuwe Materialen' uit te bouwen. Binnen die strategische pijler spelen wij een belangrijke rol in het kader van advisering, opleidingen en dienstverlening. Eigenlijk bestaat de sector in West-Vlaanderen grotendeels uit kmo’s. Die hebben niet altijd de middelen en faciliteiten voor een uitgebreide R&D-afdeling. Wel, die 'service' kunnen wij voor een deel overnemen. Wanneer je echt wil innoveren qua materialen en technologie, kan het als kmo nooit kwaad om een beroep te doen op een organisatie die een helikopterzicht heeft over een volledige sector, of over sectoren heen."

Kmo’s ondersteunen

Wim Grymonprez schat de slaagkansen voor West-Vlaanderen om uit te groeien tot een topregio voor 'nieuwe materialen' hoog in. "Onder meer door de samenwerking met onze kennisinstellingen, zoals de KULAK en de hogescholen, die geassocieerd zijn met universiteiten. Denk maar aan de Katholieke Hogeschool Vives die in associatie met de KU Leuven de enige masteropleiding in de Kunststofverwerking inricht. De KULAK heeft dan weer een leerstoel Biogebaseerde materialen. Door die samenwerking tussen kennisinstellingen, de provincie, organisaties als de onze en ondernemingen, kan vanuit fundamenteel onderzoek toegepast onderzoek groeien, en kunnen we de kmo’s sterk ondersteunen. Er worden alleszins enorme inspanningen geleverd om de ‘Fabriek voor de Toekomst – Nieuwe Materialen’ voluit te ontwikkelen. Er is een grote drive voelbaar."

En dat moet uiteindelijk de kmo’s in kwestie doen groeien, met een sterkere nationale én internationale concurrentiepositie, en mogelijk ook extra tewerkstelling. "Daar kan ook de samenwerking met Noord-Frankrijk toe bijdragen, waar zich eveneens een sterke kunststofcluster bevindt," besluit Wim Grymonprez. "Door onze ligging in de Euregio moeten we over de landsgrenzen durven kijken en ook die expertise moet aangeboord worden. We werken ten andere voor onderzoekstrajecten al jaren samen met Noord-Franse organisaties. Allemaal met de bedoeling om onze industrie te ondersteunen."

(jd)
Bron: Jobat 26/06/2015