Language

Lexicon

Textile dictionary English — Dutch

2000 results found

savingbesparing, economisering
scaleschub
scaly structureschubbenstructuur>schubstructuur
scanner, feelerscanner, het raster
scarfsjaal, foulard
scissorsschaar
scouring, caustic soda treatmentalkalisch extraheren, afkoken
screen printingfilmdruk, zeefdruk, sjabloondruk
screen printingfilmdruk, transferdruk
screw threadschroefdraad
scribbler, scribbling machine, scribbler cardgrofkaarde
scrollscroll
scutchzwingelen
scutch, devilkloppen
scutching wastezwingelklodden
seamnaad
seam strengthnaadsterkte
sectionsectie
sectional warping machinesectionele scheermachine
secundary backing, backing fabricsecundaire backing, het steundoek
seed fibrezaadvezel, zaadpluisvezel
selvage, selvedge, fabric edgeneg, negge, zelfkant
selvedge motionkantapparaat, zelfkantapparaat, de gaasbinder
selvedge scissorskantschaar
selvedge threadkantdraad
selvedge yarn, selvedge threadzelfkantgaren
selvedge, fabric edgezelfkant
semi-dull, semi-mat, semi-matthalfmat
semi-worsted yarn spinning millhalfkamgarenspinnerij
separate into fibres(jute)ontvezelen(van jute)
separatorseparator
servicedienstverlening, service
set of cards, cards setkaardassortiment
set upopzetten
setting upopzet
setup, set-up, attachment, superstructureaanzet, opzet
sewnaaien(aan elkaar naaien)
sew onaannaaien
sewing machinenaaimachine
sewing threadnaaigaren
sewing thread, silk threadstikgaren, de stikdraad, de stikzij, de stikzijde
shade, hue, tinttint
shadingshading(tapijt)
shaftschacht, schaft
shakerklopwolf
shearscheren, afscheren(van schapen)
shearingschering(van schaap)
shearingscheren(van stoffen)
shearing machinescheermachine
shedgaap