Langue

Sanering bedrijfsafvalwater

Gewijzigde contractaanpak voor sanering van bedrijfsafvalwater

De huidige contractenregeling voor de sanering van bedrijfsafvalwater geloosd op de riolering wordt gewijzigd vanaf 2013. De saneringscontracten voor permanente lozingen blijven enkel behouden voor bedrijven waarvoor Aquafin bedrijfsspecifieke exploitatie- en investeringskosten moet maken om het afvalwater te kunnen zuiveren. De financierende heffing maakt de meeste Aquafin-contracten immers overbodig. De verplichting tot het afsluiten van een contract zal worden opgelegd via de milieuvergunning. Het contract regelt de berekeningswijze van de specifieke kosten.

De huidige aanpak voor saneringscontracten voor permanente lozingen wordt afgebouwd vanaf heffingsjaar 2015. De nieuwe contractaanpak geldt voor lozingen vanaf 1 januari 2015 (heffingsjaar 2016).
Het besluit van 21 februari 2014 dat op 9 april 2014 in het Belgisch Staatsblad werd gepubliceerd bevat:

  • de inhoudelijke bepalingen en modaliteiten van de saneringscontracten voor permanente lozing, tijdelijke lozing, bronbemaling en noodlozing;
  • de aanvraag- en beroepsprocedure voor een saneringscontract.

Saneringscontracten voor permanente en tijdelijke lozingen en bronbemalingen

Een permanente lozing betreft de lozing van bedrijfsafvalwater dat afkomstig is uit normale bedrijfsactiviteiten voor de volledige looptijd van de vergunning (volledig jaar of seizoen activiteiten). Een tijdelijke lozing daarentegen omvat het bedrijfsafvalwater dat afkomstig is uit normale bedrijfsactiviteiten gedurende al dan niet periodieke korte of middellange periodes als vermeld in de vergunning.

De saneringscontracten voor permanente lozingen, tijdelijke lozingen en bronbemalingen hebben als gemeenschappelijke eigenschap dat ze vóór de start van de lozing moeten afgesloten worden. Het afsluiten van een contract kan volgen uit de bijzondere voorwaarde opgenomen in de milieuvergunning in het geval van een permanente of tijdelijke lozing of uit de toelating van de nv Aquafin in het geval van een bronbemaling.

De koppeling tussen de milieuvergunning en de verplichting tot het afsluiten van een contract is expliciet opgenomen in het besluit. Als uit de evaluatie van de aansluitbaarheid blijkt dat er bijzondere investerings- of exploitatiemaatregelen op de RWZI noodzakelijk zijn, dan zal het saneringscontract als een bijzondere voorwaarde opgelegd worden.

In overleg met de nv Aquafin zal de Economisch toezichthouder typecontracten voor de verschillende lozingen opstellen. Dit moet de transparantie voor de bedrijven verhogen.

Voor de beschrijving van de specifieke investeringsmaatregelen en de specifieke exploitatiemaatregelen wordt een aantal onderwerpen opgesomd die minstens moeten behandeld worden in het contract. Hiermee worden de rechten en plichten van het bedrijf en de nv Aquafin duidelijk afgelijnd.

Ter verduidelijking worden in de nota aan de Vlaamse regering een aantal niet limitatieve voorbeelden gegeven van specifieke investerings- en exploitatiemaatregelen die kunnen voorkomen. Specifieke investeringsmaatregelen kunnen onder meer de volgende kosten omvatten: de kosten voor de uitbreiding van de RWZI, de kosten voor de plaatsing van een installatie om actieve kool te doseren, en de kosten voor de aankoop van analysetoestellen. Specifieke exploitatiemaatregelen kunnen onder meer de volgende kosten omvatten: de kosten voor de exploitatie van een installatie om actieve kool te doseren, de huurkosten voor tijdelijke puntbeluchting, de kosten van extra mandagen voor het beheer van de RWZI of voor aanvullende permanentie, het aanvullende onderhoud van de installatie, en aanvullende analyses van het afvalwater om het zuiveringsproces te sturen.

In elk geval worden de kosten voor het doseren van een koolstofbron en chemicaliën op de RWZI ter correctie van de goede verwerkbaarheid van het geloosde afvalwater via de financierende heffing aangerekend en vallen deze kosten dus niet onder de specifieke exploitatiemaatregelen.

Tevens wordt nog een aantal modaliteiten beschreven voor het uitvoeren van de lozing. Deze omvatten het opstellen van een tijdschema van de lozing, de toegelaten vuilvrachten en debieten van de lozing en de gegevens voor de melding van de lozing. Deze modaliteiten hebben als doelstelling dat de nv Aquafin zijn zuiveringsproces kan beheren zodat het geloosde afvalwater optimaal kan verwerkt worden op de RWZI.

Saneringscontracten voor noodlozingen

Als algemeen uitgangspunt geldt dat het afsluiten van een saneringscontract voor noodlozingen als een bijzondere voorwaarde in de vergunning opgelegd wordt. Als gevolg hiervan kan het contract tijdig en voorafgaand aan de noodlozing afgesloten worden. Het contract kan ook éénmalig zonder bijhorende bijzondere bepaling in de vergunning afgesloten worden op basis van een schriftelijke verklaring, als vermeld in de oppervlaktewaterwet. Hiervoor is voorzien dat het contract tot uiterlijk 90 dagen na stopzetting van de lozing retroactief kan afgesloten worden. Het bedrijf krijgt de verantwoordelijkheid om de procedure tijdig te starten zodat het contract ten laatste 90 dagen na het beëindigen van de noodlozing afgesloten is.

Voorafgaand aan de noodlozing moet het bedrijf de lozing melden aan milieu-inspectie en aan de nv Aquafin. Dit gebeurt telefonisch en wordt gevolgd door een schriftelijke mededeling die ofwel per aangetekende brief met ontvangstbewijs ofwel door middel van een afgifte tegen ontvangstbewijs gebeurt. De milieu-inspectie bezorgt het bedrijf een ontvangstmelding. De ontvangstmelding moet voorgelegd worden om in aanmerking te kunnen komen voor de vrijstelling van de heffing. Ook het einde van de noodlozing wordt gemeld aan de milieu-inspectie en de nv Aquafin.

Tijdens de noodlozing moet het bedrijf op regelmatige tijdsstippen een representatief schepmonster nemen van het geloosde afvalwater. De VMM moet hiervan verwittigd worden minstens 24 uur voorafgaand aan de monstername. Ook het debiet van de noodlozing moet door het bedrijf gemeten worden. Als er geen geldige analyseresultaten zijn, voorziet het besluit dat voor die tijdstippen teruggevallen wordt op de samenstelling van het ongezuiverde bedrijfsafvalwater tijdens een periode van stabiele bedrijfsvoering. De samenstelling hiervan wordt via een 3-daagse meetcampagne op kosten van de exploitant bepaald. Als geen continue meting van het debiet beschikbaar is, wordt het debiet voor de volledige periode bepaald op basis van de maximale waarde van het vergunde dagdebiet of het nominale debiet van de pomp of de waterzuivering waarlangs het afvalwater geloosd wordt. Deze regeling wil bedrijven maximaal aanzetten om tijdens de noodlozing een gedegen opvolging van het debiet na te streven. Mits het bedrijf bij de aanvraag van het saneringscontract een andere waarde bewijst, kan deze in het contract opgenomen worden.

Indien de noodaansluiting als een bijzondere voorwaarde in de vergunning opgenomen is, moet het bedrijf de noodaansluiting door de milieu-inspectie laten verzegelen en moet het bedrijf een representatieve bemonstering en debietsmeting mogelijk maken.

Om de transparantie voor de bedrijven te verhogen zal de Economisch toezichthouder in overleg met de nv Aquafin een typecontract voor noodlozing opstellen.

De berekeningswijze van de vergoeding voor het lozen van het afvalwater tijdens de noodlozing wordt in het contract vermeld. Tevens worden de berekeningswijze van de tarieven voor de administratieve kosten en de specifieke exploitatiekosten beschreven in het contract. De kost van de noodlozing omvat dus de vergoeding voor het verwerken van het afvalwater en, indien van toepassing, de administratieve kost of bijkomende specifieke exploitatiekost. De vergoeding voor het verwerken van het afvalwater zal progressief stijgen in functie van de duur en de frequentie van de noodlozing, zodat er een financiële drijfveer is om de noodlozing zo weinig en kort mogelijk te gebruiken. De hoogte van de vergoeding is wel beperkt tot het bedrag dat voortvloeit uit de forfaitaire berekening van heffing.

Het bedrijf moet een verslag opstellen dat de oorzaak beschrijft van de noodlozing en de te nemen maatregelen om een gelijkaardige noodlozing in de toekomst te vermijden. Het verslag wordt aan de nv Aquafin en de milieu-inspectie overgemaakt.

Aanvraagprocedure

Het besluit legt tevens de randvoorwaarden en de procedure vast voor het afsluiten van een saneringscontract, zodat een gelijke behandeling gegarandeerd wordt en het bedrijf mits het nemen van de nodige stappen, steeds uitvoering kan geven aan de opgelegde bijzondere voorwaarde om een saneringscontract af te sluiten.

Er wordt ook voorzien in een beroepsprocedure tegen het contractvoorstel van Aquafin. Het beroep wordt ingediend bij de VMM en de ontvankelijkheid ervan wordt door de VMM beoordeeld. De nv Aquafin dient haar schriftelijke opmerking in bij de VMM en de VMM bereidt een gemotiveerd advies voor de minister voor. De minister neemt een gemotiveerde beslissing en deelt deze mee aan het bedrijf, de nv Aquafin en de VMM. De nv Aquafin past het contractvoorstel overeenkomstig de beslissing van de minister aan en maakt het vervolgens ter ondertekening aan het bedrijf over.